Dat je van je gezinsgeno­ten houdt betekent niet dat je hen niet af en toe achter het behang kunt plakken

Week drie van de corona-maatregelen zijn begonnen. Een groot deel van de werkende bevolking probeert zo goed en zo kwaad als het gaat thuis te werken, met niet te onderschatten gevolgen in de persoonlijke sfeer.

Je hebt nog nooit zoveel van je partner meegemaakt. De kinderen blijken toch niet goed helder te hebben wanneer papa of mama in een héél belangrijk telefoontje zit. De muren komen op je af. Miscommunicaties, huilbuien, woede-uitbarstingen en paniekaanvallen. Je begint terug te verlangen naar de oppervlakkige veiligheid van de kantoortuin. Kortom: handvatten over vreedzaam samenwonen komen nu wel van pas.

1. Irritatie mag
Het is niet gek dat je soms ontploft omdat de ander te luid ademt of de afwasmachine wéér niet heeft uitgeruimd. Irritatie hoort bij deze omstandigheden, en zegt niet noodzakelijkerwijs iets over de onderlinge band. Het zijn uitzonderlijke tijden en daar hoort frustratie bij. Test je incasseringsvermogen en spreek af: dat je je soms irriteert betekent niet dat je niet van je gezinsgenoten houdt. En andersom, dat je van je gezinsgenoten houdt betekent niet dat je hen niet af en toe achter het behang kunt plakken.

Lees verder: https://www.ad.nl/ad-werkt/vijf-tips-om-het-thuis-met-elkaar-uit-te-houden-frustratie-hoort-erbij~aea6ce8c/

Bron: AD.nl
Foto: Pixabay.com